Lokaal Toereikend Media Aanbod

Lokale omroepen voorzien burgers van informatie over zaken die hun dagelijkse leefomgeving
spelen. In de mediawet is vastgelegd dat het aanbod van lokale omroepen voor ten minste vijftig
procent van de uitzendduur moet bestaan uit aanbod van informatieve, culturele en educatieve aard
dat in het bijzonder betrekking heeft op de gemeente waarvoor het aanbod bestemd is (artikel 2.70).
Om zijn publieke functie echt goed uit te kunnen voeren moet dit aanbod echter ook op alle
platforms beschikbaar zijn en van goede kwaliteit zijn. Zeker in het licht van de veranderingen in
mediagebruik van consumenten en de toegenomen concurrentie moeten lokale omroepen hun
toegevoegde waarde kunnen bewijzen. Daarom hebben de NLPO en VNG in een convenant
vastgelegd dat een volwaardige streekomroep een zogenaamd Lokaal Toereikend Media – Aanbod (LTMA) moet bieden.

Daaronder verstaan we in ieder geval:

– aanbod dat gericht is op de omgeving waarin mensen wonen, werken, sporten, naar school gaan, uitgaan,winkelen en gebruik maken van publieke voorzieningen;
– voor een streek met een eigen geografische, economische en sociaal
– culturele identiteit of enige mate van samenhang. Dit gebied kan de gemeentegrenzen overschrijden;
– aanbod dat voor iedereen in de streek bereikbaar en vindbaar is;
– aanbod dat beschikbaar is op alle relevante platforms;
– aanbod (audio, video, tekst en foto’s) dat wordt gepubliceerd op ten minste de (lineaire,
digitale) radiozenders en (lineaire, digitale) televisiekanalen bij alle must
– carry pakketaanbieders, en via eigen internetkanalen, waaronder sociale media, mobiele
apparaten en OTT;
– op alle kanalen en in alle mediatypen minimaal vijf dagen per week nieuws brengt, inclusief redactionele bereikbaarheid van 24 uur per dag en zeven dagen per week bij calamiteiten.

Naast de inhoudelijke criteria voor het aanbod zijn er ook criteria voor de bedrijfsvoering en de organisatie, te weten:

– het aanbod komt tot stand door een professionele bedrijfsvoering;
– er is sprake van een optimale kruisbestuiving tussen professionals en vrijwilligs, c.q. betaalde en onbetaalde krachten