Geschiedenis

Eind 1976 plaatste Dick Offringa een ingezonden brief in “De Noordoostpolder”. Hierin sprak hij voor het eerst over een lokale radio omroep; via het kabelnet; en eventueel vanuit de OZO studio’s. Omdat de wet daarin nog niet voorzag was dat toen niet mogelijk.
De desbetreffende wetswijziging kwam pas in 1984. Bertus Schreuder raadde me toen dringend aan een brief naar de gemeente te schrijven. Nadat Dick dat had gedaan werd hij op donderdag 15 november 1984 op het gemeentehuis ontvangen door wethouder de Wit met ambtenaar van Nuijs. Hij vertelde wat zijn plannen waren. Men stond er welwillend tegenover; en vroeg met nadere uitwerkingen te komen. In dezelfde tijd trad een werkgroep lokale omroep naar buiten met Paul Vermeulen, Brigit Hemming, Marten van de Molen en Bauke Hoekstra. Toen ze een informatieve avond belegden besloot Dick zich daar bij aan te sluiten. Vervolgens werden er diverse werkgroepen gevormd. Paul Vermeulen, Sander Lindenburg, Cor Scholten, Edwin Rood en Dick, hielden zich bezig met het opstellen van de statuten. Ze besloten er een stichting van te maken. Het duurde toch nog minimaal een jaar voordat de zaak meer gestalte kreeg. Er kwam een voorlopig dagelijks bestuur met als voorzitter Cor Scholten, secretaris Dick Offringa en penningmeester Paul Vermeulen; met Sander Lindenburg en Marten van de Molen. Verder werden diverse maatschappelijke groeperingen in de polder benaderd om afvaardigers te kiezen die zitting namen in het Algemeen Bestuur. Dit bestuur moest de representativiteit waarborgen op sociaal, cultureel, maatschappelijk, godsdienstig en geestelijk gebied. Ik nam namens de ziekenomroep ROOZ zitting in het Algemeen Bestuur. Omdat alle postbussen van het hoofdpostkantoor bezet waren stelde ik mijn postbus 105 beschikbaar voor de stichting.

De technische ruimte
Op 6 februari 1986 werd de Stichting Lokale Omroep Noordoostpolder ingeschreven bij de Kamer van Koophandel in Zwolle. Hierna vroegen we op 6 maart een kabelvergunning aan bij het Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. Op zaterdag 29 maart bezochten Sander Lindenburg en ik de studio’s van de lokale omroep in Steenwijk. Zo kregen ze alvast een goed beeld van lokale radio. Omdat de statuten nog wat onduidelijkheid lieten aangaande de representativiteit moesten deze eerst weer worden aangepast. Daarop werd op 16 juni een kabelvergunning verleend. Omdat ze eerst alleen maar via de kabel mochten uitzenden vroegen we toestemming aan de Centrale Antenne Inrichting. Ook zij gingen akkoord op 27 juni. Op 11 juli vroegen ze alvast een ethervergunning aan. Omdat Dick een tip had gekregen ging hij met Sander Lindenburg naar Erik Hellendoorn van de toenmalige Luifel of ze boven ruimte mochten huren voor de lokale omroep. Uiteindelijk werd op zaterdag 9 augustus het huurcontract getekend. De huur voor twee kamers was ƒ 75 per maand. Gedurende een maand werd er gewerkt aan de studio. Een kamer werd via een tussenschot verdeeld in een technische ruimte en een spreekcel. Dick plakte eierrekjes tegen de wand om het geluid te dempen. Dat had hij vroeger zo in de studio van Radio Veronica gezien.
Sander Lindenburg en Dick maakten een schema voor de zaterdag uitzendingen. Sander verzon daarbij de naam “NieuwsNet Noordoostpolder”. En stelde (voorlopig) zijn mengpaneel beschikbaar. In het begin werkten ze uitsluitend met geleende apparatuur.

Op zaterdag 6 september vonden tussen 09.00 uur en 21.00 uur de eerste proefuitzendingen via het kabelnet plaats. Ze hadden daarvoor een zogeheten modulator moeten kopen om via 93.3 MHz te kunnen uitzenden. Deze modulator stond in de watertoren omdat zich daar het zogeheten kopstation van de kabel (alleen voor Emmeloord) bevond. Omdat er nog geen directe lijnverbinding met de studio was moesten de programma’s op cassettes worden opgenomen. Net voor het hele uur liep dan een medewerker met het volgende cassettebandje vanuit de studio naar de watertoren, liep twee trappen op, verwisselde het cassettebandje en liep daarna terug naar de studio. Omdat Ze op zaterdag redelijk actueel wilden zijn hanteerden ze een heel strak opnameschema. Er zat soms amper tien minuten tussen het eind van het programma en het begin van de uitzending. Bij een heel actuele gebeurtenis namen we een extra cassette op die direct naar de watertoren ging om uitgezonden te worden. “Breaking news”. Hoewel dit allemaal heel primitief lijkt hebben ze dit zo toch acht maand, tot tevredenheid van de luisteraars, kunnen volhouden. Na enige weken kregen ze een nieuwe modulator; nu op de 95,5 MHz. Dit omdat ze vanuit Wieringermeermeer een storing op de 93,3 MHz kregen. Op zaterdag 15 november 1986 begonnen ze met de officiële uitzendingen.
Vanaf zaterdag 4 april 1987 werd elke week om 10.00 uur een programma van de ziekenomroep OZO (via cassette) uitgezonden.

Dick Offringa en Jan Schokker
Omdat ze geld kregen van een kerkgenootschap, die op de zondagmorgen een uur via ons mocht uitzenden, konden we een permanente lijnverbinding van de studio naar de watertoren betalen. Die werd op 27 mei 1987 aangesloten. Tevens gebruikten ze vanaf die dag ons nieuwe mengpaneel plus twee nieuwe draaitafels; gefinancierd door het Anjer Fonds. Doordat ze nu rechtstreeks konden uitzenden werden de uitzendingen een stuk levendiger; mede omdat ze nu ook veel meer luisteraars telefonisch in de uitzending haalden.
Op donderdag 25 juni werd om 19.30 uur de eerste gemeenteraads vergadering rechtreeks, en integraal, doorgegeven.
Omdat we op 15 november 1987 precies één jaar bestonden brachten ze een speciale Lokale Omroep krant uit. De Open Dag werd weer goed bezocht. Voor hun was dat een bewijs dat ze een speciale band met de luisteraars hadden. Er waren dan ook honderden donateurs.

Sander Lindenburg
Inmiddels was de wetgeving aangaande ether uitzendingen voor lokale omroepen aangepast. Niet alleen dat daarvoor de FM band tussen 104,9 en 107,9 MHz werd vrijgemaakt. Ook mochten, voor het eerst in de geschiedenis, de lokale omroepen zenders in eigen beheer hebben; normaal was de Nozema de eigenaar. Dick was met Sander Lindenburg, Willem Keekstra en Etienne Glebbeek op zondag 8 maart 1987 al eens een kijkje gaan nemen in Landsmeer bij proeven met ether uitzendingen. Daar vernam Dick dat CBT Electronics B.V. in Terneuzen een goede zenderleverancier zou zijn. Contacten met de PTT leerden hem dat ze drie zenders van 50 watt zouden moeten hebben. Dat stond Dick helemaal niet aan. Niet alleen dat de kosten veel te hoog zouden worden (allemaal lijnverbindingen) er zou ook op verschillende frequenties moeten worden uitgezonden. Toen bleek dat in een vlak gebied de zender verder zou kunnen reiken kreeg Dick het, na veel getelefoneer, voor elkaar dat men genoegen wilde nemen met de plaatsing van één zender; met 100 watt. Dat was een uitzondering in Nederland. Wel was het zo dat de zender, in Emmeloord, in de richting van Kraggenburg moest staan. Nadat de gemeenteraad (in november 1987) een subsidie van ƒ 12.500 had toegekend nam ik contact op met Hans Harwig, directeur van de Stichting Verzorgingshuizen. Het bestuur had geen bezwaar tegen het plaatsen van een antennemast op de Golfslag. De gemeente verleende daarvoor (met enige moeite) een bouwvergunning.

Op donderdag 21 januari 1988 gingen Dick Offringa en Cor Scholten naar het net opgerichte Commissariaat voor de Media in Hilversum. Voor de allereerste keer ontvingen twintig lokale omroepen daar uit handen van voorzitter Mr. A. Geurtsen een ethervergunning.
Op woensdag 17 februari werd Dick ’s avonds gebeld door Pieter de Wit van de OLON. Hij vertelde dat er voorlopig drie lokale omroepen in aanmerking kwamen om snel via de ether te gaan uitzenden; omdat ze alle papieren en technische zaken in orde hadden. Daarbij zat de lokale omroep Noordoostpolder. Op vrijdag 19 februari belde Dick naar de PTT in Den Haag. De heer Nilius vertelde hem toen voor het eerst de etherfrequentie: 105,2 MHz. Hij gaf dat direct door aan de zenderleverancier CBT Electronics B.V. Op woensdag 24 februari kwamen twee medewerkers van deze firma bij de Golfslag langs om de zender en de antenne te plaatsen. Allereerst zetten ze de antennemast op het dak; met diverse tuidraden; daarna werden de antennes er aan bevestigd: twee verticaal gepolariseerde dipolen. Hoewel de (tijdelijke) zendmachtiging door PTT Radiocontroledienst te Groningen was toegezegd was de schriftelijke machtiging nog niet binnen. Daarom mocht de zender nog niet geplaatst worden. Dick belde naar Groningen en via een fax naar het hoofdpostkantoor kon hij alsnog de desbetreffende machtiging tonen. Daarop werd de zender naar boven gebracht en afgeregeld. Omdat de Radio Controledienst net langs kwam kon gelijk het hoogste vermogen worden ingesteld. Het uitgestraalde zendvermogen mocht 100 watt zijn; met een marge van 10 procent. Daarom werd het 108 watt. Die vrijdag daarop kwamen drie mensen van de Radio Controle Dienst de zender nogmaals (lang) testen; en ze keurden die goed.
Vanaf dat moment waren de (mono) lokale ether uitzendingen een feit.
Gedurende acht dagen waren we dag en nacht non stop in de lucht. Daarbij kregen we reacties vanuit geheel Nederland. Dat kwam omdat we de eerste lokale omroep in de ether waren; en daardoor bijzonder ver kwamen. We zetten prikkers op de plaatsen van een landkaart waar de reacties allemaal vandaan kwamen.
Op dinsdag 1 maart ontvingen ze (Cor Scholten, Paul Vermeulen, Etienne Glebbeek en Dick) in Den Haag uit handen van Minister Smit-Kroes de definitieve zendmachtiging. (LO10-0002).
De desbetreffende toespraken werden rechtstreeks via de eerste drie lokale etherzenders (Noordoostpolder, Tholen en Gaasterland) uitgezonden.
Op donderdag 3 maart mochten ’s middags luisteraars de groeten doen. Omdat er zoveel reacties kwamen gingen we daarmee zes uur lang nonstop door. Toen hadden vijfhonderd mensen de groeten gedaan. Een beter bewijs van de luisterdichtheid was niet te geven.
Omdat twee medewerkers afzegden presenteerde Dick op vrijdag 4 maart in m’n eentje een (muziek) programma van 06.00 tot 15.00 uur. De hele vloer lag daarna vol met L.P.’s.
Op zaterdag 5 maart om 11.00 uur werden de ether uitzendingen officieel geopend door wethouder de Wit. Sander had daarvoor een mooie nieuwe jingle gemaakt. ’s Middags had Dick in de studio een gesprek met Willem van Kooten (Joost den Draayer). Op deze Open Dag stonden de mensen rijen dik in de studio. Ze konden de trap bijna niet meer op. Het was nog nooit eerder zo druk geweest. Dat werkte zeer motiverend.

Officiële opening door

Wethouder de Wit

Interview met

Joost den Draayer

Omdat de Luifel op zondag dicht was hadden we toen geen uitzending. Dick belde Erik Hellendoorn of ze een sleutel van de Luifel mochten om toch op zondag te kunnen uitzenden. Dat vond hij goed: “Let’s give it a try”. De week daarop begonnen ze met zondaguitzendingen. Omdat in de kelder van de Golfslag allerlei lijnen van de kerktelefoon binnenkwamen kreeg Dick het idee om vandaar uit ’s morgens kerkdiensten door te geven. De technische man van de Golfslag (Post) hielp daarbij een handje door er een tijdklok tussen te plaatsen. In de studio werd de uitzending direct overgenomen zodra deze tijdklok de kerklijn weer omzette naar de studiolijn. Omdat er in de Golfslag ook een lijn van de OZO binnenkwam was het nu eveneens mogelijk de OZO uitzendingen direct door te geven.
Er waren nog geen plannen voor de zondagavond. Toevallig hoorde Dick dat er op Urk twee mensen een piratenzender hadden waarmee ze op zondagavond geestelijke muziek op verzoek uitzonden; De zondagavondradio. Jan Schokker en Dick nodigden deze twee mensen (Herman Verhey en Albert Loosman) uit voor een gesprek. Reeds de week daarop waren ze in de studio van de lokale omroep aanwezig om hun eerste programma (nu legaal) te presenteren. Omdat er veel reacties opkwamen stelde Dick al gauw het bestuur voor het met een uur uit te breiden; later met nog een uur. Het zou het best beluisterde programma blijven. Ook de zondagmiddag werd toen goed beluisterd.

Albert Loosman en Dick Offringa
Omdat buiten de uitzendingen van de lokale omroep er vaak stilte op de zender was, of Radio I, besloten we een zogeheten raamprogramma uit te zenden. Sander Lindenburg en Dick gingen daarom op zaterdag 11 juni naar de Veronica studio in Hilversum. (Daar vroeg Ton Lathouwers aan hem of een nonstop muziekstation wel populair zou kunnen worden; een half jaar daarna begon hij met Sky radio). Vanwege het initiatief van Radio Veronica zonden we, met bijna alle andere lokale omroepen samen, vanaf donderdag 25 augustus een goede vier weken Veronica Lokaal als raamprogramma uit; eerst vanaf de Firato, later vanuit hun studio in Hilversum. Eerder dat jaar was Radio 10 (toen officieel nog als Associazione Studio 10 gevestigd in Milaan) via de satelliet gaan uitzenden. Omdat het ANP verbood nog langer hun nieuws door te geven besloten we het nieuws van Radio 10 te gaan gebruiken. Met medewerking van Aling Antennetechniek B.V. werd op vrijdagavond 8 juli aan de voorkant van de Luifel een grote schotelantenne geplaatst. Binnen werd een satellietontvanger aangesloten. Vanaf maandag 26 september werd het complete programma Radio 10 doorgegeven. Omdat de mediawet reclame verbood werd er in de studio van Radio 10 telkens bij het begin en aan het eind van de reclames een toontje meegezonden. Hiermee werd de “commercial killer” in de studio gestart. Gedurende de Radio 10 reclames werd vanuit onze studio muziek uitgezonden. Vanwege de goede programmering van Radio 10, en uiteraard onze eigen programma’s, gemaakt door enthousiaste medewerkers, werd de lokale omroep in Noordoostpolder in korte tijd een zeer goed beluisterde zender.

Op vrijdag 14 oktober legde Dick, vanwege privé omstandigheden, al zijn functies binnen de lokale omroep neer.

Hieronder zijn verhaal….

Op vrijdag 7 juli 1989 keerde ik, na ruim een half jaar, terug bij de lokale omroep. De eerste vier weken verzorgde ik op de vrijdagen (net als in 1987 en 1988) weer een marathon uitzending over de braderiedagen. Daarnaast had ik op de donderdagavonden een programma met “Sound of the sixties”. Later hield ik me ook weer bezig met het actualiteitenprogramma NieuwsNet Noordoostpolder. Begin 1989 had de CAI-GAZO Zwolle het kabelnet van de Woningbouwvereniging overgenomen. Omdat ik enige gesprekken had gevoerd met de heer Duin van de CAI-GAZO werd op 9 november 1989 een nieuwe, gratis CAI-kabel vanaf de watertoren naar de studio gelegd. Die ging door het plafond; over de hoofden van de bezoekers van de Luifel heen. Vanaf donderdag 16 november was de lokale omroep via de kabel nu in stereo via 101,5 MHz te beluisteren.

Omdat het aantal medewerkers bij NieuwsNet Noordoostpolder dramatisch terugliep stond ik er een gegeven moment alleen voor. Omdat ik die twee uur niet in mijn eentje kon vullen vroeg ik op zaterdag 23 december 1989 aan Jan Schokker om mij te assisteren. Daarbij niet wetende dat hij niet meer mocht presenteren. Dat besluit was door het bestuur genomen in de tijd dat ik (ruim een half jaar) niet bij de omroep was betrokken. Tijdens die bewuste uitzending belden bestuursleden op. Ik was mij van geen kwaad bewust. Maar ik was hierdoor zo geïrriteerd dat ik de week daarop een bedankbrief heb geschreven. In een extra Algemeen Bestuursvergadering van woensdag 10 januari 1990 is deze zaak uitgebreid aan de orde geweest. Uit de notulen, die mij later zijn toegespeeld, blijkt dat bijna iedereen het nodig vond mij uitgebreid aan te vallen over deze zaak.

In september 1993 laaiden de emoties weer eens hoog op. Er was een soort medewerkersstaking. Uiteindelijk werd Harry Koopman als nieuwe voorzitter gekozen. Prima! Wat echter niet prima was dat hij in een openbare vergadering in de Luifel op donderdag 28 oktober het niet kon laten de hele ploeg van de afgelopen jaren totaal af te kraken; inclusief Cor Scholten. Terwijl die zich voor de lokale omroep uit de naad had gewerkt. Volgens Harry Koopman zou de zaak nu eindelijk professioneel worden aangepakt.

Copyright © Dick Offringa.